De kwaliteit van de dienstverlening in de archiefsector is een belangrijk aandachtspunt. Het onderzoek wordt tweejaarlijks uitgevoerd, dit jaar voor de zevende keer. Door middel van enquêteformulieren hebben ruim 6.000 archiefgebruikers aan de hand van gedetailleerde vragen gemeld wat men vindt van de dienstverlening. Daarbij ging het onder andere over de vriendelijkheid en deskundigheid van het personeel in de studiezalen, over de snelheid waarmee en de wijze waarop e-mails, brieven en telefoontjes werden beantwoord, over de vraag of men gevonden had wat men zocht en over de toegankelijkheid van de internetpagina’s. Ook is in het onderzoeksrapport veel interessants te lezen over het profiel van de archiefbezoeker, over bezoekmotieven en bezoekgedrag. Allemaal zaken waarmee archiefdiensten hun winst kunnen doen. Een kwart van de deelnemers vulde de formulieren schriftelijk in, driekwart koos voor het digitaal meedoen via de internetsites.
“De medewerkers van het Vlaardingse Stadsarchief verdienen een grote pluim voor hun inzet, als we letten op de enorm hoge cijfers voor de vriendelijkheid (8,9), de deskundigheid (8,8) en de inhoud van schriftelijke (8,8) en telefonische (9,1) reacties”, aldus burgemeester Tjerk Bruinsma.
Het onderzoek is een belangrijk instrument voor de archiefsector om te weten waar de archiefbezoeker behoefte aan heeft, welke zwakke punten verbeterd en welke sterke punten vastgehouden moeten worden. Wat het eerste betreft, is men het minst te spreken over de hoeveelheid gedigitaliseerde informatie op de Vlaardingse stamboomsite (6,9). Op dat verbeterpunt komt de komende twee jaar de nadruk te liggen.
De overige deelnemers waren de gemeente- of streekarchieven van Alkmaar, Almere, Amsterdam, Apeldoorn, Barneveld, Bergen op Zoom, Breda, Den Haag, Deventer, Dordrecht, Ede, Eemland, Epe-Hattem-Heerde, Heerlen, Kampen, Leeuwarden, Leiden, Nijmegen, Roermond, Roosendaal, Rotterdam, Schiedam, Tilburg, Utrecht, Waterland, Weert, West-Friesland, Westland en Zaanstad, de regionaal-historische centra van Friesland, Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant, Noord-Holland en Utrecht, het Nationaal Archief, het NIOD en het Koninklijk Instituut voor Taal- Land- en Volkenkunde.