| Overheidsorganisatie: | gemeente Vlaardingen |
|---|---|
| Officiële naam van de regeling: | Nota tuinuitbreidingen |
| Citeertitel: | Nota tuinuitbreidingen |
| Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld): | |
| Besloten door: | college van burgemeester en wethouders |
| Onderwerp: | volkshuisvesting en woningbouw |
Nationale wetgeving
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht t/m | Betreft | Ontstaansbron / Inwerkingtreding: Datum ondertekening; bron bekendmaking | Kenmerk voorstel |
|---|---|---|---|---|
| 28-02-2003 | nieuwe regeling | 21-01-2003 Gemeenteblad,
2003, 01. 20-2-2003. |
VLD/2010/3871
|
| Nota tuinuitbreidingen | + |
Aan het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen
Sedert begin dit jaar is een werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van verschillende afdelingen bezig met het inventariseren van de problemen rondom tuinuitbreidingen. In de werkgroep zijn vertegenwoordigers aanwezig van de afdelingen Stadsbeheer, Stadsontwikkeling, Stadstoezicht, Wijkbeheer en Grondzaken van de dienst Stadswerk en Juridische Zaken van de Bestuursdienst.
De redenen om deze werkgroep in het leven te roepen zijn de volgende:
- er zijn (binnen de op zich redelijk beperkte hoeveelheid verzoeken om tuinuitbreidingen) veel langslepende aanvragen;
- de Woningwet gaat veranderen;
- verdichting van de stad en een hierdoor verhoogde behoefte aan bewust grondgebruik;
- algemeen versus particulier belang (de openbare ruimte is er voor ons allemaal);
- behoefte aan beleid dat randvoorwaarden stelt waarbinnen burger en bestuur hun vrijheid kunnen nemen.
Aanleiding voor het in het leven roepen van deze werkgroep vormde mede de belemmeringen in de handhaving van een tweetal illegale ingebruiknemingen van openbaar groen langs de Olmendreef.
De procedure, waarin de beide ingebruiknemers een reactie hebben gekregen vanuit de Dienst Stadswerk, is in deze weliswaar zuiver doorlopen; de stappen om tot eventuele handhaving te komen leverden echter dusdanig veel haken en ogen op, dat de behoefte bestond om het beleid rond tuinuitbreidingen en het handhavingsaspect in te kaderen. De werkgroep is overigens gestart voordat uw college een separaat traject ten aanzien van de beide, zojuist bedoelde gevallen aan de Olmendreef heeft ingezet.
De onderwerpen die aan de orde gekomen zijn kunnen als volgt worden gerubriceerd:
-1 tuinuitbreidingen a. op verzoek;
b. als gevolg van herinrichtingen;
-2 het handhavingsbeleid ten aanzien van illegale inbezitnemingen;
-3 het definitief maken van langdurige verhuringen door deze om te zetten in erfpacht of eigendom.
Het hierna volgende bevat beleidsregels aan de hand waarvan verzoeken om tuinuitbreiding zullen worden beoordeeld en waaruit duidelijk blijkt in welke gevallen er handhavend zal worden opgetreden en wat de werkwijze hierbij zal zijn.
Deze beleidsregels vergemakkelijken de besluitvorming binnen de organisatie en zorgenvoor een consistent optreden. Door publicatie van de beleidsregels wordt aan de burgers rechtzekerheid verschaft.
In zijn algemeenheid nog een opmerking over de komende inwerkingtreding van de nieuwe Woningwet.
Van belang is hier de verruimde bebouwingsmogelijkheid op achtererven; het gaat daarbij om de (bouw-) vergunningsvrijheid voor bijgebouwen van één bouwlaag of een op de grond staande overkapping van één bouwlaag, strekkende tot vergroting van het woongenot. Dit heeft tot gevolg dat in gronduitgifte-overeenkomsten voor stukjes tuingrond weliswaar bepalingen kunnen worden opgenomen regulerende de bebouwingsmogelijkheden, maar
deze kunnen de publiekrechtelijke regeling omtrent bouwvergunningsvrij bouwen niet aan banden leggen.
- er zal van optreden tegen illegale ingebruiknemingen een grote preventieve werking uitgaan; indien niet opgetreden wordt zullen steeds meer illegale acties plaatsvinden; het beheersmatige en ruimtelijke beleid wordt steeds ongeloofwaardiger, indien nooit opgetreden wordt tegen overtredingen;
- het voorkomen van verjaring.
- na constatering van de illegale ingebruikneming, hetwelk aan de hand van de kadastrale kaart geverifieerd wordt, wordt nagegaan of de situatie kan worden gelegaliseerd, dat wil zeggen of de grond alsnog in erfpacht kan worden uitgegeven of kan worden verkocht. Indien dit het geval is worden er geen verdere handhavingstappen ondernomen. Indien geen legalisering kan plaatsvinden wordt een eerste aanschrijving verzonden, waarin verzocht wordt binnen een bepaalde termijn tot ontruiming over te gaan, bij gebreke waarvan de rechter zal worden ingeschakeld.
- Na afloop van de gestelde termijn volgt controle of de grond is ontruimd; indien dit het geval is worden er geen verdere stappen genomen. Indien geen ontruiming heeft plaatsgevonden wordt vervolgens een aangetekende brief gestuurd, waarin een laatste kans wordt geboden alsnog tot ontruiming over te gaan, bij gebreke waarvan tot onmiddellijke inschakeling van een advocaat wordt overgegaan, die een vordering in rechte zal instellen.
- Wederom controle of ontruiming heeft plaatsgevonden; zo ja geen verdere stappen; zo nee dan kan een dagvaarding worden uitgebracht.
- Voorgesteld wordt om teneinde de handhaving met de nodige slagvaardigheid ter hand te kunnen nemen de besluitvorming hieromtrent te mandateren aan het hoofd van de afdeling Grondzaken, behoudens het nemen van een proces-besluit, hetgeen door uw college dient te worden genomen.
De gerechtelijke procedure kan inhouden:
o een normale rechtbankprocedure, wanneer de spoedeisendheid gering is;
o een procedure op verkorte termijn in gevallen waarin er enige haast is;
o een kort gedingprocedure, wanneer veel spoed vereist is.
Voorgesteld wordt om:
a. verzoeken om tuinuitbreiding te behandelen zoals aangegeven in deze nota en in
te stemmen met de genoemde criteria;
b. tegen illegale inbezitnemingen op te treden zoals aangegeven in deze nota door
middel van inschakeling van de burgerlijke rechter, indien gebleken is dat
legalisatie of gedogen niet mogelijk is;
c. te bevorderen dat verhuringen van strookjes tuingrond, die een definitieve situatie
inhouden, worden omgezet in erfpacht c.q. eigendom;
d. de volgende bevoegdheden te mandateren aan het hoofd van de afdeling
Grondzaken:
o besluiten op verzoeken om tuinuitbreiding met inachtneming van de in deze beleidsnota neergelegde criteria en het aangaan van overeenkomsten dienaangaande;
o besluiten tot handhavend optreden tegen illegale tuinuitbreidingen conform de in deze nota neergelegde procedure, behoudens het nemen van een procesbesluit;
o besluiten omtrent omzetting van verhuur van strookjes grond in erfpacht c.q. eigendom en het aangaan van overeenkomsten dienaangaande.
e. aan een en ander bekendheid te geven door publicatie van een samenvatting van deze nota op de pagina Gemeentegebeuren van Groot-Vlaardingen.
Het hoofd van de afdeling Grondzaken,
T.M.Bouwens