Gemeente Vlaardingen - September 2008: Gallen

Ga naar de homepage van de gemeente Vlaardingen

September 2008: Gallen

"Kijk... er zit iets in de Eik !"
 
Satijnen knoopjesgal
 
Dat kan deze maand, met name door oplettende en spelende kinderen, regelmatig gezegd worden.
Waarom juist kinderen?
In de buurt van de kinderspeelplaatsen in de Hoevenronde, Aletta Jacobskade, Curaçaolaan en Buys Ballotlaan groeien grote Zomereiken. In deze bomen leven veel nogal apart uitziende organismen. Vooral na harde wind waait er wel eens een twijg met bladeren uit de bomen en dan kun je de aanwezige eikels maar ook de fraaie gallen bewonderen.
 
Knoppergal
 
Een gal?
Maar, wat is een gal nu precies? Kort gezegd: een vergroeiing op een organisme, veroorzaakt door een ander organisme.

Een gal is een weefselwoekering die ontstaat doordat een schimmel, bacterie, insect, mijt of ander organisme een (chemische) beïnvloeding op het groeiproces heeft. Deze woekering heeft gewoonlijk op een of andere wijze met de voortplanting van dat organisme te maken. Bij veel dierlijke veroorzakers dient de gal zowel als voedselbron als voor bescherming tegen invloeden van buitenaf.
 
Eik
De Zomereiken in Vlaardingen zitten soms vol met gallen. Per boom kan de hoeveelheid gallen behoorlijk variëren. Dat komt omdat de veroorzakers van de gallen kritisch zijn. De ene boom ruikt of smaakt nu eenmaal lekkerder dan de andere. In eiken vinden we vooral veel gallen waaruit galwespen komen. In ons land zijn ongeveer veertig soorten op de Zomereik bekend.
 
Enkele opvallende gallen op de Vlaardingse eiken zijn:
 
Ananasgal
De Ananasgal is een opvallende gal met een lengte van iets meer dan een centimeter. Hij zit in een bladoksel en is peervormig met de punt naar boven. Ananasgal
De gal is met schubben bezet die naar boven toe steeds kleiner worden. Deze schubben zijn eigenlijk een samen gegroeide bundel kleine blaadjes want de gal is uit een knop gegroeid. Deze vergroeiing is veroorzaakt doordat tegelijk met het eitje een enzym in de knop werd mee gespoten.

In het hart van deze schubbenbundel is in deze tijd soms nog een eivormige binnengal te vinden waarin de verpopte galwesplarve zit. Deze binnengal wordt eind augustus of in september door de verdrogende schubben naar buiten gewerkt. Soms gebeurt dat vrij plotseling en schiet de binnengal er uit.

In het voorjaar komen hieruit alleen vrouwelijke galwespen die de eitjes in de bloemknoppen leggen. De gallen die hieruit ontstaan zitten op de meeldraadkatjes en de daaruit komende galwespen zijn mannetjes én vrouwtjes. De vrouwtjes leggen na de paring de eieren in de bladknoppen.
 
Satijnen knoopjesgal
De Satijnen knoopjesgal leeft op de onderkant van de bladeren. De eerste indruk die de galletjes maken is dat een blad aan de onderkant met sproeten is bezet. Als je zo’n blad goed bekijkt blijkt dat hij vol zit met tientallen, soms wel vijftig (!) fraaie ronde knoopvormige knopjes.
Satijnen knoopjesgal
 
De goudachtige galletjes zijn 2-3 millimeter in doorsnede en lijken met glanzend zijdedraad omwonden.

Het zijn harde galletjes en gewoonlijk zijn er enkele bladeren bij elkaar mee bezet.

Ook uit deze gallen komen alleen vrouwtjes. In maart en april verschijnen de slechts enkele millimeters grote diertjes en ze leggen de eitjes wederom op de bladeren. In juni verschijnt dan het Puistgalletje, een onopvallend klein verdikkinkje in het blad. Daaruit komen dan weer mannelijke én vrouwelijke galwespen.
 
Lensgal
Ook de Lensgal leeft aan de onderzijde van de eikenbladeren. Regelmatig vind je hem samen met de Satijnen knoopjesgal op hetzelfde blad.
 
Lensgal
 
Het is een platte gal met een grotere middellijn dan de vorige soort. In het midden is hij een fractie hoger dan aan de randen. Hij lijkt wel wat op een linze en de vorm doet ook aan een lens denken, vandaar de naam. Met een loep kun je de fijne sterharen die er op zitten goed zien. Ze kunnen in even grote aantallen aanwezig zijn als de Satijnen knoopjesgal.

De gallen vallen in de loop van de herfst op de grond en groeien daar nog een klein stukje. In het voorjaar verschijnen ook bij deze soort alleen vrouwtjes en ook zij leggen de eieren op de onderzijde van de bladeren. In juni kun je dan de mooie rode Besgalletjes vinden. Die zijn kogelrond en iets meer dan een halve centimeter in doorsnee. Hieruit komen weer mannelijke én vrouwelijke galwespen.
 
Knoppergal
Deze gal ziet er wel heel vreemd uit. Het eitje dat in de knop van de piepkleine eikel is gelegd vormt een lobachtige vergroeiing die tegen de eikel aan ligt of hem zelfs helemaal inpakt. De gal is aanvankelijk fris groen en kleverig. Als hij volgroeid is wordt hij snel bruin.

Binnenin bevindt zich de binnengal waaruit in maart de vrouwelijke galwespen verschijnen.

In juni verschijnen de door hen op de meeldraden van de Moseik veroorzaakte galletjes. Deze meeldraden komen dan niet tot ontwikkeling.
 
Knoppergal
 
Het is vrij uitzonderlijk dat voor de generatiewisseling ook nog een andere waardplant, in dit geval dus de Moseik, wordt gebruikt.
 
Oproep
Het komt op ons vreemd over dat de Moseik de enige andere gastheer is omdat de Knoppergal veel in Vlaardingen voorkomt (o.a. Broekpolder, Heemtuin-Westwijk, Natuurpark-Holy) en we niet één Moseik in onze stad weten! Misschien kunt u ons wijzer maken? We horen graag van u dat er ergens Moseiken groeien!
 
Knoppergal
 
Nieuwsgierig?
Er zijn maar weinig mensen in Nederland met interesse voor gallen. Maar gelukkig zijn ze wel actief ! Zo is er een prachtige website over gallen van Jojanneke Bijkerk: www.plantengallen.com.

Daarnaast is er slechts één boek in ons land waarin informatie over onze inheemse gallen staat. Dat is het uit 1982 stammende “Gallenboek” door W. M. Docters van Leeuwen. Helaas is dit boek is al zeker vijftien jaar uitverkocht. Maar... als alles volgens plan verloopt zal in september 2009 de vierde, geheel herziene druk hiervan verschijnen. Voor geïnteresseerden een absolute aanrader!

Verder ligt het in de planning om 4 oktober a.s. een gallenexcursie in de Broekpolder te houden. Meer informatie verschijnt op deze website bij “Nieuws Natuur en Milieu”.

Opgave hiervoor is verplicht en kan bij Natuureducatie van de gemeente Vlaardingen. Telefoon 010-2484515. e-mail: nme@vlaardingen.nl.