Gemeente Vlaardingen - Juni 2008: Lieveheersbeestjes

Ga naar de homepage van de gemeente Vlaardingen

Juni 2008: Lieveheersbeestjes

Lieveheersbeestjes in Vlaardingen
Lieveheersbeestjes kent bijna iedereen wel.... elk kind is bij het zien van een Lieveheersbeestje gefascineerd en wil het beetpakken. Vaak zal dat niet lukken want de gladde diertjes laten zich makkelijk vallen. Oudere Vlaardingers kennen de diertjes vaak onder de streeknamen “Molenaartje” of “Kapoentje”.
 
Zevenstippelige lieveheersbeestje
De meeste van de ongeveer 60 soorten die er in ons land voorkomen zijn bladluizeneters. Dat zal ongetwijfeld hebben bijgedragen aan de populariteit van deze kevertjes. Een aantal andere soorten eet schimmels, en een enkeling eet stuifmeel of bladeren van de plant waarop hij leeft.
 
Het Zevenstippelig lieveheersbeestje vindt je vrij vaak met zonnig weer. Hij is gemakkelijk te herkennen: oranjerood van kleur met zeven zwarte stippen. Hij is tussen de 5 en 8 millimeter groot. Toch zie je hem de laatste jaren steeds minder hetgeen mogelijk veroorzaakt wordt door een nieuwkomer: het Aziatisch Lieveheersbeestje!
 
Aziatisch lieveheersbeestje 
 
Historie
Sinds ongeveer drie jaar is het Aziatisch lieveheersbeestje wel een van de meest gevonden lieveheersbeestjessoorten. Het is een nieuwkomer, die is ingevoerd om de bladluizen in de kassen op te vreten. Daar verricht hij nuttig werk!

Helaas gebeurt het nogal eens dat dieren uit een ander werelddeel welk mensen thuis (of in dit geval op het werk) houden zich een tikkeltje anders gedragen dan van te voren verwacht werd. Bekende voorbeelden hiervan zijn de Canadese gans, de Nijlgans en de Halsbandparkiet (zie ons verhaaltje van december 2004), die nadat ze ontsnapt waren een fikse opmars in de vrije natuur hebben gemaak! Hetzelfde geldt voor het Aziatisch lieveheersbeestje.

Parende Aziatische lieveheersbeestjes

Nadat de eersten uit de kassen ontsnapt waren gingen ze zowel in de nabijgelegen tuinen als in de natuur vrolijk verder met hun vreterijen. Niet alleen de bladluizen moesten het hierbij ontgelden, maar ook vlindereitjes en rupsjes, eieren en larven van andere lieveheersbeestjes en nog veel meer kleine diertjes. Sindsdien is het Aziatisch lieveheersbeestje stevig toegenomen en tegenwoordig kun je hem door heel Nederland vinden.

Behalve bij ons is hij ook in Noord Amerika ingevoerd als bladluisbestrijder en ook daar is hij verwilderd en een probleem geworden.

Voorkomen in Vlaardingen
In 2003 hoorden wij voor het eerst van dit lieveheersbeestje en vonden er toen ook enkele in Vlaardingen. In 2004 zijn we ze gaan opschrijven. We telden toen 32 Vlaardingense Aziaten. De eersten in de Heemtuin in de Westwijk. Ook in 2005 hebben we ze regelmatig gezien, maar er slechts 17 opgeschreven.

Tijdens een bezoek aan de Ackerdijkse Plassen, het natuurgebied oostelijk van de A13, liet de beheerder ons een overwinterende groep van meer dan 200 Aziatische lieveheersbeestjes zien. Ze zaten in de hal bij hem binnen rondom de lamp.

In 2006 hebben we er 20 alleen al in onze beide heemparken genoteerd, waarvan er één keer tien bij elkaar in de Heemtuin. Na 2006 hebben we ze niet meer opgeschreven omdat het landelijk onderzoek naar de verspreiding van dit kevertje werd gestopt.
 
Parende Aziatische lieveheersbeestjes
 
Kleurrijke Aziaat
Het Aziatisch lieveheersbeestje is een zeer variabele soort, maar toch gemakkelijk te herkennen als je goed kijkt. Het is een groot soort lieveheersbeestje, vaak net wat groter dan het Zevenstippelig lieveheersbeestje. Verder heeft hij meestal meer zwarte vlekjes. Er is ook een zwarte vorm, die heeft gewoonlijk twee of vier forse rode vlekken op de dekschilden. Maar, ze zijn erg variabel en kunnen ook gelig zijn.

Het belangrijkste kenmerk zit achteraan op de dekschilden. Daar heeft deze Aziaat een klein verhoginkje dat bij goed licht als een klein bultje zichtbaar is. Voorts heeft hij vaak een wit w-vormig tekeningetje op het borststuk tegen de achterrand aan. Maar, even vaak ontbreekt deze tekening. De Amerikanen noemen hem dan ook “Multicolor Asian Ladybeetle”.
 
Nog niet genoeg?
Er zijn nog meer soorten lieveheersbeestje in Vlaardingen en vier ervan die je gemakkelijk kunt vinden noemen we hieronder:
  • Het Tweeëntwintigstippelig lieveheersbeestje
    Deze is wat kleiner (3-4 mm.) dan het Zevenstippelig lieveheersbeestje en is geel in plaats van oranje. Je kun ze vaak op de bladeren van de Zomereik vinden. Ze zoeken de bladeren op die wit zijn van de meeldauwschimmels. Vaak zijn dat heel grote bladeren die de Zomereik vormt nadat er sterk in gesnoeid is. Dit gele lieveheersbeestje heeft behalve op elk van de dekschilden 11 stippels ook nog wat stipjes op het brede schildje vlak achter de kop dat gewoonlijk borststuk genoemd wordt.
  • Het Tweestippelig lieveheersbeestje
    Ook dit lieveheersbeestje is wat kleiner dan de Zevenstippelige verwant. Hij is 3½ - 5½ mm lang en net zo oranje maar met met twee stippen. Althans, dat is de basiskleur van één van de twee hoofdtypen. Het andere type is zwart met twee rode stippen en een rood vlekje op de buitenranden van de dekschilden, direkt achter het borststuk. Het schijnt dat de oranjerode diertjes beter de koude winters doorkomen en de zwarte zich beter voortplanten...zo houden beide typen elkaar in evenwicht. Er komen ook allerlei tussenvormen voor.
  • Regelmatig kom je op Meidoorns, Zwarte elzen en andere houtachtigen het Roomvleklieveheersbeestje tegen. Dit lieveheersbeestje kan tot 6 mm groot worden en heeft een koffie-met-melk kleur met witte vlekjes. Hij eet bladvlooien en bladluizen.
  • Het laatste lieveheersbeestje wat we behandelen is het Negentienpuntlieveheersbeestje. Als je dit zalmroze lieveheersbeestje wilt zien moet je naar de slootkant lopen en de rietstengels bekijken. Hier leeft hij tussen de bladeren en vreet hij de bladluizen weg. Het is een langwerpig en klein lieveheersbeestje van hooguit 4 mm lengte.
Larf
 
De jeugd
Jonge lieveheersbeestjes noemt men larven. Veel mensen vinden ze er eng uitzien. Ze zijn wat langgerekt en lijken nogal borstelig. Ook de zes pootjes steken wat uit. De kleur is meestal grauw of zwartachtig met wat dof oranje-achtige vlekjes langs het lijf. Je ervaart ze beslist niet als die koddige beestjes die het later worden wanneer ze kever zijn. De pop zit met de onderkant op een blad bevestigd en krijgt vlak voor het uitkomen een zwakke oranje-achtige zweem.
 
Pop
 
Meer weten?
Mocht je na het lezen van dit verhaaltje meer over lieveheersbeestjes willen weten dan raden wij je aan het boekje “Lieveheersbeestjes in beeld”, geschreven door Frank Bos en uitgegeven door de KNNV Uitgeverij (ISBN: 90 5011 126 2) aan te schaffen. Ook wij hebben dit boekje bij het schrijven van dit artikeltje geraadplaagd.