De meeste mensen in onze stad hebben als kind wel eens kastanjes geraapt. Zelf maakten wij als kind met behulp van schuin afgebroken lucifers en spelden poppetjes van deze niet eetbare zaden van de witte paardenkastanje.
Van de tamme kastanje aten we de vruchten wel graag op. Het was een heel gedoe waarbij je ruwe vingertoppen en soms pijn aan je nagels kreeg van het schoon schrapen omdat je die vieze bittere vellen niet wilde op eten.
Omdat de opvallende kastanjevruchten nu aan de bomen hangen en bijna rijp zijn, gaan wij de Vlaardingse kastanjebomen eens wat nader bekijken en zullen we vooral de algemene Witte bespreken.
Wat witte en de tamme kastanje gemeen hebben is dat ze allebei forse stekelige vruchten hebben die bij rijpheid enkele “kastanje-grote” zaden, de kastanjes, leveren. Ook de bladeren hebben bij oppervlakkig bekijken wel wat gemeen vanwege de langwerpige vorm. Maar, dat is schijn want het blad van de witte paardenkastanje is anders geconstrueerd dan dan van de tamme kastanje.
Witte paardenkastanje
In Vlaardingen is de witte paardenkastanje veruit het algemeenst. Hij is als laanboom en ook in onze parken aangeplant en heeft forse bladeren die “handvormig samengesteld” zijn. Dat wil zeggen de bladeren hebben na de lange bladsteel de vijf tot zeven nerven als een waaier uitgespreid en rond elke nerf zit als het ware een eigen blad. Deze bladeren worden deelbladeren genoemd. Elk deelblad heeft een vrij stompe top met een klein spitsje.
Witte paardenkastanjes bloeien in mei met witte rechtopstaande bloemtrossen die gewoonlijk “kaarsen” genoemd worden. We vinden ze onder andere op de Floris de Vijfdelaan en de Robert Schumanring. Vaak vinden we de cultivar ‘Baumannii’, zoals in het “Natuurpark” in de Holy. Dit is een doorgekweekte variëteit die geen vruchten krijgt.
Naam
De naam heeft deze boom te danken aan de hoefijzervormige tekening die achter blijft op de plaats waar een bladsteel aan de tak heeft gezeten. De gelijkenis is sterk, inclusief de spijkergaten! ’s Winters is dat goed aan de boom te zien, of in het voorjaar wanneer de takken bij de bloemist te koop zijn.
Knoppen
Bij de bloemist kun je ook goed voelen hoe deze boom zich ’s winters met de kleverige knoppen beschermt tegen insecten. Als de knoppen uitlopen valt het viltige deken van haren op wat de jonge blaadjes gedurende de winterse vorst in de knop beschermd heeft.
Herkomst
De Paardenkastanje is geen inheemse boomsoort maar komt uit het Balkangebied. Hij is in de 17e eeuw in ons lang geïmporteerd.
Dubbele Pechvogel!
Witte paardenkastanjes blijken het laatste decennium echte pechvogels. Nadat medio 1980-er jaren in het herkomstgebied ineens een als rups in de bladeren levende nieuwe vlindersoort werd ontdekt ging die explosief over heel Europa. In 1999 stond op 20 september in enkele kranten dat de Paardenkastanjemineermot in Nederland was opgedoken. We hebben Vlaardingen destijds direct gecontroleerd maar vonden in ons bomenbestand niet de kenmerkende bruine vlekkerige vraatsporen. Maar, in 2000 was dat wel even anders! De eersten vonden we in juli in de paardenkastanjebladeren aan de Westlandse weg en in oktober hadden we al een plaag te pakken van meer dan 10.000 Paardenkastanjemineermot-bladmijnen bij de Robert Schumanring! Zo snel kan het dus gaan in de natuur.
Ziek
Enkele jaren nadat de Paardenkastanjemineermot zijn intrede in ons land deed werd de ziekte Bacteriekanker in de Haarlemmermeer ontdekt. Deze ziekte overspoelde ons land eveneens en bij veel bomen zie je de vieze bruine, stroperige smurrie uit de bast stromen. Bomen die deze ziekte hebben zijn gedoemd te sterven. Onze fraaie Paardenkastanje maakt momenteel zware tijden door!
Rode broertje
De sterk op de Witte lijkende Rode paardenkastanje, die we bijvoorbeeld in ’t Hof kunnen zien, heeft gewoonlijk maar vijf gelijdelijk toelopende donkergroene deelblaadjes. De vruchten zijn minder stekelig, maar de meesten (bastaarden) zijn zo gekweekt dat ze geen vruchten krijgen. De uit Amerika afkomstige Rode paardenkastanjes bloeien een maand later en zijn vrijwel niet gevoelig voor de Kastanjemineermot. Deze zijn onder andere aangeplant aan de Johan Willem Frisolaan.
Tamme kastanje
De in de inleiding al genoemde Tamme kastanje is een boom die veel stekeliger vruchten draagt dan de paardenkastanjes. De vruchten lijken wel wat op kleine Egeltjes. Als je ze open maakt kun je je flink steken! Eenmaal open, dan kun je de (veel plattere) zaden er uit halen, afschillen en op eten.
Deze Zuid-Europese boom groeit tegenwoordig ook wild in Nederland en ziet er heel anders uit dan de Witte paardenkastanje. De bladeren zijn niet samengesteld. Ze zijn stekeliger glimmend groen. De boom heeft hangende bloemtrossen in plaats van rechtopstaande.
De tamme kastanje is te zien in de Heemtuin in de Westwijk, het Natuurpark in de Holy , Schumanring en de Burgemeester van Heusdenslaan.