Sla menu over en ga naar de inhoud

Gemeente Vlaardingen - Heide in de Heemtuin

Ga naar de homepage van de gemeente Vlaardingen
-

Heide in de Heemtuin

Augustus is de maand dat de Stuikhei bloeit. In de duinen van Noord-Holland en op de zandgronden in het binnenland kunnen we plaatselijk nog heidevelden vinden. Drenthe en de Veluwe zijn er beroemd om.
Bloeiende heide
 
Ook in Vlaardingen hebben we deze maand een veldje Struikhei in bloei. In de Heemtuin in de Westwijk is sinds de aanleg van de tuin Struikhei te vinden. In augustus staat aan het Blauwe knooppad jaarlijks een veldje met deze plantensoort te bloeien!
 
Dopheide
 
Niet alleen de Struikhei staat er, maar ook de Gewone dophei kun je er vinden. Die bloeit veel eerder en in juni kun je hem al volop in bloei zien. De Gewone dophei groeit in de natuur op nattere plaatsen dan de Struikhei. Bij ons groeit de dophei tussen de Struikhei. Dat lukt omdat wij een vochtige bodem hebben.
 
Werk
De heidebegroeiing is altijd een arbeidsintensief onderdeel van de Heemtuin geweest. Veel moerasplanten zoals Riet willen er graag doorheen groeien. Door de tientallen jaren durende waterstandschommelingen in het verleden hebben er ook enkele paardenstaartsoorten vaste voet gekregen.

Gemiddeld om de tien jaar hebben we delen van de heide opnieuw moeten aanleggen. Niet omdat de bodem zakt, maar omdat de hoogveenturven waarop wij de heide gezaaid hadden onder invloed van het bodemwater toch te mineraalrijk werden. Het huidige heideveldje is vijf jaar geleden vernieuwd.
 
Blauwe knooppad
De eerste vijftien jaar dat de Heemtuin bestond had de heide een groter oppervlak dan tegenwoordig. Dat het nu kleiner is, is het gevolg van de natuurlijke ontwikkelingen in het park. Aan het Blauwe knooppad is de Blauwe knoop enorm toegenomen en deze tegelijk met de Struikhei bloeiende plant hebben we in de loop der jaren graag wat meer leefruimte gegund.

Aan het zelfde pad bloeit gelijkertijd de Heelblaadjes. Ook deze plant trekt met zijn gele bloemen vlinders aan, zoals bijvoorbeeld het Icarusblauwtje.

Aan het begin van het pad staat in dezelfde periode de met viltige bladeren en roze bloemen getooide Heemst in bloei.

In augustus is tijdens een bezoek aan de Heemtuin het Blauwe knooppad een van de paden die je zeker niet moet vergeten te bewandelen!
 
koningsvaren tussen de struikheide
 
Varenpad
Het Varenpad had net als het Blauwe knooppad vroeger een andere naam. Logisch, er groeide in de beginjaren geen enkele varen maar... Struikhei.

In de jaren na de aanleg werden de aangeplante boompjes aan de oost- en zuidrand van de tuin steeds groter en na verloop van tijd leverden die zoveel schaduw op dat de Struikhei gestaag verdween. De aanwezige Rode bosbes profiteerde van de schaduw en verschillende varensoorten begonnen spontaan te kiemen.

Rode bosbes

Koningsvaren
De Koningsvaren, een van de eerste wettelijk beschermde planten in ons land, deed het altijd al erg goed op de heide. Toen de heide in deze hoek van het park verdween nam deze supergrote varen samen met de Brede stekelvaren al snel het roer over. De “Varenhoek” was een feit!

Brede stekelvaren

Koningsvarens dragen hun naam met ere! Het zijn prachtige lichtgroene giganten die flink de ruimte opeisen. Opvallend zijn de vuistgrote sporendragers waaruit de miljoenen sporen komen. Ze zitten aan het eind van de bladtoppen en zien er uit als een verroeste kluit rommel.
 
Andere varens
De Brede stekelvarens zijn veel donkerder en fijner van bouw. De sporen worden bij deze varensoort niet aan de bladtop maar aan de onderkant van de bladeren gevormd.
 
Dubbelloof
 
Er staan ook nog andere soorten varens, zoals de Dubbelloof en de Tongvaren. Eén van de Tongvarens is in de 90-er jaren van een gesloopte muur uit de Havenstraat gekomen, samen met een Lansvaren. Deze Lansvaren, destijds de derde van Nederland (!), is enkele jaren later uit de Heemtuin gestolen. Wat rest is een dia en een gedroogd blad bij het Nationaal Herbarium in Leiden...
 
Tongvaren
 
Jeneverbes
Niet alleen varensoorten groeien er langs het Varenpad, maar ook enkele karakteristieke struiken. De twee Jeneverbessen die er staan hebben niet alleen een totaal verschillend uiterlijk maar ook de herkomst is anders.

Toen de eerste tuinman in de Heemtuin, Wim Zegers, eind 70-er jaren aan het werk was tussen de heide kwam een bezoeker langs met een zakje jeneverbessen. Hij vroeg aan Wim of hij een bes neer mocht gooien en Wim heeft hem toen de grond in gedrukt. Uit deze bes is de nogal breed uitgroeiende Jeneverbes gegroeid. De andere is aangekocht bij een kweker en heeft de meer karakteristieke groeiwijze van Jeneverbessen op de heide. Jeneverbessen zijn coniferen die vaak in gecultiveerde soorten en rassen in siertuinen te vinden zijn.
 
Jeneverbes
 
Wilde gagel
De Wilde gagel is een struik van vochtige heiden en veengronden. De struik heeft smalle grijsgroene bladeren en een kenmerkende geur. Vooral de mannelijke bloeiwijzen scheiden bij wrijven een harsachtige substantie uit en ruiken erg lekker. Vraag ons er gerust naar, dan laten we u er graag aan ruiken.

Vroeger werden twijgen van deze struik door de lokale bevolking in Brabant, maar vermoedelijk ook Vlaardingen, in de stro-matrassen waar de mensen ’s nachts op sliepen gestopt. Het schijnt dat de geur ervan veel insecten doet verdwijnen en in een tijd dat de hygiëne nog niet op een al te hoog peil stond was dat een goede uitkomst...
 
Omdat we geen vrouwelijke struiken bezitten zaait deze struik zich niet uit. Misschien moeten we eens gaan praten met Vereniging Natuurmonumenten want op de Vlietlanden groeit deze struik ook!