Geworteld daar in oude watergrond
(Als concurrent van truck en limousine),
Staan zij er zwaar bebladerd met z’n tienen,
Vertakt gevormd in traag gegroeid verbond.
Een rij onmogelijk over ’t hoofd te ziene
Bomen, elk met een wijd uitstaande kroon,
Geordend in een licht gekromd patroon
Een beeld van mild verpakte discipline.
Als steunpilaren in een buitenzaal
Van Stadskantoor tot Eetcafé De Waal
Een voorbeeld van iets statigs (of een proeve),
Al is het op kleinstedelijke schaal.
Per fiets (niet altijd trek om daar te toeven),
Ziet men mij doorgaans her- of derwaarts zoeven.
Maar zij staan stoer het hemeldak te schragen
En stil het WAALSTRAATstraatbeeld uit te dragen.
Aat Rolaff
Stadsdichter 2010-2011