Er ligt een oude boei bij Vlaarding Oost
Hoek Vulkaanweg, volledig afgeschreven,
Niet eens zo ver van waar hij lag gedreven,
Maar haast bij de oudijzerboer geloosd.
(Dan was er dus een ander rijm geschreven.)
Nu leidt hij - op het nippertje - bedaard,
Voor ons en voor het nageslacht bewaard,
Een tweede, zij het minder ‘boeiend’ leven.
Een droog bestaan wordt aan een nat gepaard
Met - onbedoeld - één duidelijke reden:
Het tonen van z’n door- en kegelsneden.
Ik kwam er niet toevallig langsgereden,
En wou het volgende nog aangekaart:
Oud roest is goud (voor wie het zien wil!) waard.
Aat Rolaff
Stadsdichter 2010-2011