Verslag van het onderzoek aan resten van mijten en ectoparasitaire insecten uit drie monsters uit vondstzone 9 opgraving Vergulde Hand West in Vlaardingen
J. Schelvis
Scarab
oktober 2007
In Scarab-report 95 is het onderzoek aan de resten van mijten en ectoparasitaire inscecten uit drie monsters uit vondstzone 9 van de opgraving Vergulde Hand West in Vlaardingen gepubliceerd.
Het gebruik van resten van geleedpotige dieren in een archeologische context wordt in onderzoek naar paleomilieus toegepast. Zo worden verschillende groepen gebruikt als paleo-ecologische indicatoren; voorbeelden hiervan zijn de mosmijten en de loopkevers voor het terrestrische milieu en de kokerjuffers voor het aquatische milieu. Verder worden er belangwekkende resultaten bereikt door de analyse van die soorten die onder zeer specifieke omstandigheden voorkomen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan groepen als mestindicerende roofmijten, voorraadinsekten en specifieke ectoparasieten van mens en dier zoals luizen en vlooien. Het doel van het natuurwetenschappelijke onderzoek waartoe het mijtenonderzoek behoort is om relevante informatie op te leveren over de relatie mens-landschap op locatie de Vergulde Hand West.
Het onderzoek is in opdracht van het Vlaardings Archeologische Kantoor (VLAK) uitgevoerd. Het veldonderzoek van het project Vergulde Hand-West (uitgevoerd in 2005) bestond uit tien deelprojecten, waarin nederzettingsresten en andere sporen van menselijke aanwezigheid uit de Midden-Bronstijd, Vroege, Midden- en Late IJzertijd, de Romeinse tijd en de Volle Middeleeuwen (10e en 11e eeuw n.Chr.), alsmede de boomstamkano uit de Vroege IJzertijd zijn onderzocht.
Omvang: 12 pagina's, 2 MB
Open hier de digitale versie